VEILIG OP VAKANTIE MET DE CARAVAN

Veilig en voorbereid op vakantie met de caravan

De vakantie staat weer voor de deur en wij gaan er voor het gemak even van uit dat u in die periode gebruik maakt van een bij ons verzekerde caravan.

Indien u met deze caravan naar of door Spanje, Polen of Duitsland gaat, dient u in het bezit te zijn van een "groene kaart". Door middel van deze groene kaart kunt u aantonen dat uw caravan verzekerd is bij Wettelijke Aansprakelijkheid (WA). De caravan is, indien gekoppeld aan de auto, WA verzekerd op de autoverzekering.

Dus als u met uw bij Stopel verzekerde caravan naar, of door één van de bovengenoemde landen gaat, verzoeken wij u even contact met ons op te nemen. Wij  sturen u dan zo snel mogelijk de groene kaart voor de caravan toe.

 

Veilig met de caravan op vakantie

Veilig op pad gaan met een caravan is belangrijk. Check daarom of er een goede afstemming is tussen de auto en de caravan. Zorg bijvoorbeeld voor een juiste belading van de caravan, maar ook van de trekauto. Vergeet ook niet om de kogeldruk te checken. Deze moet niet te licht, en zeker niet te zwaar zijn.

Inhoudsopgave:
1: Kogeldruk van de Caravan
2: Bandentips
3: Pech onderweg
4: Anti-Diefstal tips
5: Rijden in de bergen
6: Caravanstabiliteit

 

Kogeldruk van de caravan

De kogeldruk is de (naar beneden gerichte) kracht waarmee de caravan, via de koppeling, op de trekhaak van de auto rust. De kogeldruk bepaalt voor een groot deel het weggedrag van een combinatie. De manier waarop je de caravan belaadt is bepalend voor de kogeldruk.

Ideale kogeldruk
De grens is altijd de maximale kogeldruk die de fabrikanten van je auto, van de trekhaak of de fabrikant van de caravan voorschrijven. Deze waarde staat in het instructieboekje of de bijgeleverde papieren. Overschrijd het laagste maximum van deze drie niet. Naarmate een caravan langer is, is meer kogeldruk vereist.

Te lage kogeldruk
Het gevaar van een te lage kogeldruk is dat de caravan onvoldoende binding met de auto heeft. Er kunnen, bijvoorbeeld bij zijwind en passerende vrachtwagens, heel snel slingerneigingen ontstaan. Los dit op door bagage van achter naar voren te verplaatsen. Te veel gewicht aan de achterzijde van de caravan compenseren door meer bagage in de disselkast te leggen, kán tot de juiste kogeldruk leiden, maar veel gewicht dat ver bij de as vandaan ligt maakt de caravan toch instabieler.

Te hoge kogeldruk
Een te hoge kogeldruk kun je vaak aanpassen door de bagage die voor in de caravan ligt dichter bij de as te leggen. Laat in verband met de veiligheid de gasflessen wel op hun plek staan. Kunststof gasflessen zijn overigens lichter, wat ook overmatige kogeldruk tegengaat. Je kunt ook het reservewiel vanuit de disselkast naar een beugel onder de caravan verplaatsen.

Meten van de kogeldruk
Voor het meten van de kogeldruk zijn speciale meters te koop, maar het kan ook met een gewone personenweegschaal. Uiteraard moet de caravan tijdens de meting wel horizontaal staan. Dit gaat als volgt:

► Leg op de weegschaal een plankje om de kracht over een groter oppervlak te verdelen.
► Plaats daarna tussen de koppeling en het plankje op de weegschaal een stuk hout en laat daar de caravan op rusten.

Terug naar boven

 

Bandentips

Niets vervelender en gevaarlijker dan een klapband onderweg! Lees daarom in dit banden ABC hoe je zelf problemen met banden kunt herkennen en voor kunt zijn. 

Aanlopen
Controleer of de banden niet aangelopen hebben tegen de wielkasten. Je herkent dat aan zwarte sporen. Een verkeerde maat band of een slecht veersysteem kan de oorzaak zijn.

Autobanden
Pomp ook de achterbanden van de auto op tot het maximum dat de fabrikant voor een volbeladen auto opgeeft. Dit vanwege de bagage in de kofferbak en de kogeldruk van de caravan.

Beschadiging
Beschadiging waarbij het karkas van de band (Nylon en staaldraden) zichtbaar is en ook een uitstulping door een koordlaag-breuk is absoluut niet toegestaan. Een stoeprand of steen is vaak de oorzaak.

Binnenband
Het is sterk af te raden om een binnenband in tubelessbanden te monteren.

Draagvermogen
Is het draagvermogen van de banden (Load Index) toereikend? Je vindt de Load Index op de zijkant van de band: een tweecijferig getal gevolgd door een letter voor de snelheidsaanduiding. Google kan je vervolgens vertellen wat het bijbehorende draagvermogen is.

Insnoering
Kuiltjes in de zijkanten van de banden kunnen geen kwaad. Het zijn de aanhechtingspunten (lassen) van de koordlagen.

Maat
Hebben beide banden dezelfde maataanduidingen? Twee verschillende merken is geen probleem.

Profieldiepte
Bij caravans zal het niet snel voorkomen dat de banden versleten zijn, bij auto's wel. Voor de volledigheid vermelden we toch nog even de wettelijk toegestane profieldiepte van 1,6 mm in de hoofdgroeven.

Spanning
Staan de banden op de juiste spanning? Een te lage bandenspanning zorgt voor een te hoge warmte ontwikkeling, waardoor de structuur van de band beschadigt. Het gevolg is een klapband. De minimale spanning van de caravanbanden is:

► Radiaal : 3,0 bar
► Radiaal (voor lichte bestelwagens): 4,0 tot 4,5 bar

Stallen
Breng de caravanbanden altijd op de juiste spanning, het liefst nog twee- of drietiende bar hoger, voordat je de caravan in de stalling weg zet.

Verdroging
Droogtescheuren waarbij de koordlagen van de band zichtbaar zijn, zijn wettelijk niet toegestaan. Laat het echter niet zover komen en vervang de banden tijdig. Let vooral op het gedeelte van de band waar de caravan de afgelopen tijd in de stalling op heeft gestaan. Vergeet ook het loopvlak in de groeven niet te controleren.

Veroudering
Hoewel er geen houdbaarheidsdatum op banden zit, raden wij aan de banden van de caravan na circa 6 tot 8 jaar te laten vervangen. Uit onderzoek is gebleken dat door veroudering de kans op een klapband dan aanmerkelijk toeneemt.

Vouw- en bagagewagenbanden
Deze hebben vanwege hun kleinere maat vaak een afwijkend hoge spanning nodig. Als u dit niet in bijbehorende documentatie of op het internet kan vinden, belt u met de ANWB (088 269 22 22) voor de juiste waarde.

Terug naar boven

 

Pech onderweg

Pech onderweg is op zich al vervelend, maar een nare bijkomstigheid is dat je langs de kant van de weg erg kwetsbaar bent. Neem daarom de volgende tips in acht:

► Rijd de combinatie, afhankelijk van de pechsituatie, zo ver mogelijk naar de uiterste rechterzijde van de vluchtstrook.
► Als de plaats waar je stopt naar jouw idee niet veilig genoeg is, rijd dan – zo mogelijk – langzaam door naar een veiligere plaats. Een beschadigde band of velg kun je dan maar beter voor lief nemen.
► Zet de knipperlichtinstallatie aan en gebruik de gevarendriehoek. Trek een reflecterend vest aan. Hoe meer je opvalt, hoe beter dat is.
► Laat alle inzittenden achter de vangrail wachten.

Wiel verwisselen bij een caravan 
De noodzaak een wiel te verwisselen is het meest voorkomende pechgeval. Een wiel verwisselen is niet moeilijk, maar het handig om het een keertje te oefenen. Want hoe eerder de klus geklaard is, hoe veiliger dat is. Veel caravans hebben geen speciale kriksteunen en ook een caravankrik ontbreekt vaak. Juist in dergelijke gevallen is het belangrijk dat je thuis oefent waar je de (auto)krik kwijt kunt. Zoek een plek onder de as of het chassis zo dicht mogelijk bij de as. Gebruik nooit de uitdraaisteunen om de caravan ‘op te krikken’, dat kan leiden tot schade aan opbouw en interieur. Ga als volgt te werk:

 Laat auto en aanhangwagen aangekoppeld en zet beide op de handrem.
► Draai wielmoeren/-bouten één slag los.
► Plaats de krik onder het chassis, zo dicht mogelijk bij het wiel en krik de aanhangwagen op.
► Gebruik de uitdraaisteunen om wiebelen van de caravan tegen te gaan.
► Maak het reservewiel los (als dit onder de aanhanger hangt).
► Verwissel de wielen, let bij wielmoeren vooral op de juiste montage.
► Trek de wielmoeren/-bouten na circa 50 km rijden nog eens aan.

Terug naar boven

 

Anti-diefstal tips

Caravans bij het huis doelwit inbrekers
De ANWB merkt een stijging op van het aantal inbraken in caravans die nog bij huis staan en binnenkort naar de stalling worden gebracht. Een vervelend fenomeen.
Diefstal of inbraak geheel voorkomen is onmogelijk, maar we hebben wel een aantal tips om de schade te beperken en het voor het dievengilde een stuk minder aantrekkelijk te maken. Tips:

► De meeste inbrekers en dieven hebben haast. Dus alles wat het inbreken moeilijker maakt helpt. Zo kan het diefstalrisico sterk verminderen door het gebruik van goed beveiligingsmateriaal, zoals wielklemmen en koppelingssloten.
► Pak de caravan vlak voor uw vertrek in en laat deze niet een nacht volledig bepakt voor het huis staan.
► Plaats een wielklem en/of koppelingsslot.
► Draai de pootjes van de caravan helemaal uit en voorzie die, als dat kan, van een hangslot zodat ze niet meer zijn in te draaien.
► Leg de caravan met een ketting vast aan een lantaarnpaal of een ander vast punt.
► Er zijn speciale beveilingsproducten waarmee het demonteren van een fietsendrager  of het openen van  een caravan- of camperdeur  wordt bemoeilijkt.
► De caravan kan worden voorzien van een alarmsystemen en/of een trackingsysteem waarmee hij kan worden opgespoord.
► Zet de caravan aan de weg zo strak mogelijk tussen andere voertuigen in, zodat het lastig wordt om hem te verplaatsen of aan te koppelen.
► Als de caravan op de oprit staat, plaats dan de dissel naar het huis of de garage.
► Doe de gordijnen van de caravan dicht zodat onduidelijk blijft of er wat te halen is.
► Laat in of aan de caravan geen kostbare zaken achter.
 Laat het kentekenbewijs van de caravan nooit in de caravan achter.

Terug naar boven

 

Rijden in de bergen

Rokend de berg af
De afstelling van caravanremmen luistert erg nauw, met name als je de bergen in gaat. Tijdens lange, steile afdalingen kan de temperatuur in de remtrommels desondanks tot ruim boven de 200° Celsius oplopen. Dergelijke temperaturen zijn niet alleen slecht voor remvoeringen, ook de smering van wiellagers loopt gevaar. Iets boven 100 graden beginnen de plastic dopjes op de wielbouten al zacht te worden. Tegen de tijd dat ze er letterlijk van af druipen, zit je meestal in de gevarenzone.

Wat is er tegen te doen?
‘Strekken’ is een oud, maar beproefd middel. Prober de ingedrukte oplooprem te strekken door – daar waar mogelijk – even gas te geven. Bij het uitkomen van een haarspeldbocht wil die mogelijkheid zich nog wel eens voordoen. Maar er zijn ook afdalingen waarbij dat niet of nauwelijks kan. Als er geen alternatieve route voor handen is, rijd dan zo rustig mogelijk en stop geregeld. Zoek hooguit om de tien minuten een parkeerplaats waar de remmen kunnen afkoelen. Dat doen ze overigens het best, als de oplooprem niet is ingedrukt. Leg dus zo nodig iets voor de caravanwielen en rijdt dan met de auto een centimeter of vijf vooruit.

Let in de bergen op de motorkoeling
Bergritten zijn niet alleen een bedreiging voor de remmen van de caravan. Ook de koeling van de motor krijgt het flink voor de kiezen. Vooral zomerse buitentemperaturen doen een beroep op de werking van de radiateur, de waterpomp, de thermostaat en andere onderdelen van het koelsysteem. Trekt de auto ook nog een caravan, dan is het helemaal zaak dat alles naar behoren functioneert. Het kan daarom helemaal geen kwaad om de garagist erop te wijzen dat er ‘bergen’ op het reisprogramma staan.

Afdalen met een caravan 
Een gouden regel bij het rijden in de bergen is: rij in dezelfde versnelling naar beneden als waarmee je omhoog bent gekomen. Let bij het afdalen van hellingen op de snelheid. Die kan ongemerkt toenemen en doordat de caravan op de auto wil inlopen, ontstaan er veel eerder slingerneigingen. Een op dat moment passerende vrachtauto of bus kan dat dan nog eens verergeren. Voorkom dit door op steile hellingen tijdig terug te schakelen en, als de snelheid te hoog wordt, enkele keren krachtig te remmen. Houd het pedaal nooit lang achtereen ingedrukt, want dan kunnen de remmen warmlopen of zelfs verbranden. In het ergste geval valt de remwerking daardoor helemaal weg.

Wegrijden op een helling
Kom je met een handgeschakelde auto op een steile helling tot stilstand, handel dan als volgt:

► Trek eerst de handrem aan, geef daarna voldoende gas. Bij benzinemotoren circa 2500 toeren, bij dieselmotoren 2000 toeren, afhankelijk van het gewicht van de combinatie en het hellingspercentage.
► Breng het koppelingspedaal naar het aangrijpingspunt.
► Houd het pedaal 1 à 2 tellen in die stand terwijl je de handrem lost.
► Laat het koppelingspedaal verder opkomen en geef intussen wat meer gas. Let op: geef niet eerst meer gas terwijl het koppelingspedaal nog op het aangrijpingspunt staat. Het aangrijpingspunt voel je doordat de auto iets in de veren zakt en de naald van de toerenteller terugloopt.
► Heb je voldoende ruimte, laat dan de combinatie voorzichtig iets achteruit rollen, totdat deze in de schaarhoek staat. Als je nu vooruit rijdt, ben je het gewicht van de caravan voor korte tijd grotendeels kwijt. Dit kan net genoeg zijn om ‘de trein’ weer aan het rollen te krijgen.
► Met een automaat doet een dergelijke situatie zich nauwelijks voor. De trekkracht is dankzij de koppelomvormer een stuk groter en daarbij is nauwelijks behendigheid vereist. Gewoon gas geven, meer is niet nodig. Helpt dat niet, raadpleeg dan het instructieboekje van de auto.
► Koppel een aanhangwagen nooit af op een steile helling. Is dit om een of andere reden toch noodzakelijk, haal dan professionele hulp.

Gewicht in de caravan verdelen
Een verkeerde belading is er vaak de oorzaak van dat de caravan gaat slingeren. Hieronder vind je enkele tips die je kunnen helpen met het krijgen van een een juiste belading:

► Leg zware spullen op de vloer, zo dicht mogelijk bij de as.
► Stop alleen lichte spullen in de dakkasten.
 Verdeel de bagage evenwichtig over de bankkasten.
► Laat de watertanks niet onnodig gevuld.
► Zet zware spullen onderweg vast, zodat ze niet kunnen verschuiven.
► Touw in een kop- of eindkeuken niet te zware spullen.
► Laat de kogeldruk niet te hoog, maar ook niet te laag worden.

Bagage in de auto
Hoeveel bagage in de auto kan, hangt af van het laadvermogen (zie het instructieboekje van de auto). Neem niet meer mee, want de diverse delen van de auto - zoals vering en wielophanging - zijn ontworpen voor een bepaald maximum. Wanneer je daar overheen gaat, kan schade ontstaan en het weggedrag worden beïnvloed. Wat wel kan, reken je als volgt uit. Allereerst trek je van het laadvermogen het gewicht van de inzittenden af. Daarna doe je hetzelfde met het gewicht waarmee de koppeling van de caravan op de kogel van de auto drukt (doorgaans tussen de 50 en 75 kg). De kilo's die je overhoudt, kun je aan bagage in en/of op de auto meenemen. Bij vier inzittenden is de kofferbak veelal niet toereikend. De meeste bagage moet dan naar de caravan verhuizen.

Imperiaal
Ook op een imperiaal kun je bagage kwijt. Het heeft een hoger zwaartepunt tot gevolg, waardoor de auto in bochten meer gaat overhellen. Ook moet de motor (nog) meer presteren omdat de luchtweerstand toeneemt. Bij bagage bovenop zul je rekening moeten houden met de maximaal toegestane dakbelasting. Deze staat in het instructieboekje van de auto.

Gewicht en laadvermogen van de caravans
Als je op vakantie gaat met de caravan neem je van alles mee: de kampeeruitrusting natuurlijk, maar ook je persoonlijke bagage. Houd er bij het laden van je caravan rekening mee dat zowel auto als caravan een maximumbelasting hebben. Ga je daar overheen, dan er kan schade ontstaan en kan het weggedrag worden beïnvloed.

Laadvermogen auto
Hoeveel bagage in de auto kan, hangt af van het laadvermogen. Dit staat in het instructieboekje van de auto. Zo reken je uit hoeveel bagage je mee kunt nemen: Laadvermogen − gewicht inzittenden − gewicht waarmee de caravan op de kogel van de auto drukt (± 50-75 kg). De kilo’s die je overhoudt, kun je aan bagage in en/of op de auto meenemen. Bij vier inzittenden is de kofferruimte vaak niet groot genoeg en belandt de meeste bagage in de caravan.

Laadvermogen caravan
Kies bij voorkeur een caravan met een (op papier) zo ruim mogelijk laadvermogen. Bij caravans is het leeggewicht op het kentekenbewijs nooit gelijk aan het leeggewicht plus standaarduitrusting en accessoires. Vooral bij luxueus uitgevoerde caravans is er een kans dat het werkelijke laadvermogen (veel) kleiner is op het kenteken staat. Wegen op een weegbrug is de enige manier om erachter te komen wat het juiste laadvermogen is. Klik hier om een weegbrug bij u in de buurt te zoeken.

Aslast verhogen
Kom je laadvermogen tekort, dan kun je bij nieuw aan te schaffen caravans vaak de aslast laten verhogen. Omgekeerd (de aslast verlagen) kan ook. Dit laatste wordt wel gedaan als de bestuurder in het bezit is van rijbewijs B en de auto-caravancombinatie te zwaar is. Overigens gaat het om een papieren aanpassing, want de huidige caravans hebben vaak al een as die een hoger draagvermogen heeft dan op het kentekenbewijs staat. Uiteraard betaal je hiervoor wel meer. Bij sommige moderne caravans kun je de aslast ook achteraf laten aanpassen. Je hebt daarvoor medewerking van de fabrikant/importeur nodig en er hangt een prijskaartje aan. Daarnaast bestaat de kans dat je jouw caravan moet voorrijden bij een RDW-keuringsstation.

Terug naar boven

 

Caravanstabiliteit

Slingeren! De angst voor de soms desastreuze gevolgen van slingeren bij de minste beweging van de caravan, slaat menig bestuurder om het hart. Maar met het ‘koppie’ erbij, de beladingsregels in de hand en een stabiele auto/caravancombinatie hoeft slingeren je niet te overvallen. Elektronische stabiliteitssystemen onder caravans of in trekauto’s bieden extra veiligheid.

Veiliger caravannen
Stabiliteitssystemen zijn niet nieuw. Al langer te koop zijn bijvoorbeeld LEAS en Ad-REM. Op de markt gebracht door uitvinders en toeleveranciers. Hebben de chassisfabrikanten dan zitten slapen? Waarom zijn ze niet zelf met zulke systemen gekomen? De eerlijkheid gebiedt te zeggen, dat de caravanfabrikanten wel telkens hebben bewezen dat hun aanhangers stabiel kunnen rijden zónder die hulpmiddelen. Dat is ook onze conclusie na het doen van talloze testritten onder de meest bizarre beladingsomstandigheden. Caravans kúnnen inderdaad zeer stabiel rijbedrag vertonen. De crux zin ‘m juist in het feit, dat niet elke bestuurder een professional is in het beladen en rijden met een aanhanger/caravan. Inmiddels zijn ook autofabrikanten als BMW, Mercedes, Opel en Volkswagen met elektronische stabiliteitssystemen voor aanhangwagens gekomen. Standaard trailercontrole van die auto’s helpt de bestuurder met duidelijke signalen en automatisch remmen. Zodra de sensoren in de trekauto ‘voelen’ dat er tractieverlies dreigt door slingeren van de aanhanger, grijpt de trailercontrole in. Een systeem dat in het geval van de Mercedes C-Estate zelfs sneller werkt dan de nieuwe caravansystemen. Nu AL-KO en BPW hun elektronische antislingersystemen op de markt brengen, is het tijd de ins en outs van veilig caravannen nog eens op een rijtje te zetten.

Kritische snelheid
Bij het maken van keuzen voor een stabiele caravan is de volgorde van maatregelen belangrijk. Hieraan is nu dus de eventuele aanschaf van elektronica onder de caravan toegevoegd. Elke caravan heeft een zogenoemde ‘kritische snelheid’. Precies bij die rijsnelheid ligt het omslagpunt tussen afnemende of toenemende slingering. Rijd je onder de kritische snelheid, dan zorgt de zelfdempende werking van de caravan voor een langzaam afnemende slingering. De caravan komt zonder ingrijpen tot rust achter de trekauto. Maar boven de kritische snelheid kan een geringe stuurbeweging door inhalen of een windvlaag tot razendsnel toenemend slingeren van de caravan leiden. In die gevallen is zo snel mogelijk remmen de enige redding. De snelheid moet naar beneden tot ver onder de kritische snelheid. En dat doet ook precies de trailer-ESP van de grote automerken. Onveilig zeggen de fabrikanten van caravanchassis nu over die systemen, omdat de remlichten niet oplichten bij zo’n ingreep en achteropkomend verkeer niet in de gaten heeft, dat de combinatie voor hen plotseling snelheid verliest. Daarover later in dit artikel meer.

In onderstaande grafieken zie je links dat de caravan zichzelf stabiliseert tot de kritische snelheid en rechts dat boven die snelheid het einde snel zoek is. 

Mogelijkheden om je combinatie veiliger te maken: 

► Kies een zo stabiel mogelijke combinatie. 
► Belaad volgens de regels. 
► Gebruik eventueel een stabilisatorkoppeling. 
► Schaf eventueel een elektronisch anti-slingersysteem aan. 

Met het beste van al deze voorwaarden kruipt de kritische snelheid steeds wat omhoog. Bij voorkeur tot een niveau boven jouw normale kruissnelheid. Ligt de kritische snelheid bij 80 of 90 kilometer per uur, dan bevind je je bij die snelheid al in de gevarenzone. Bij harder rijden of ongemerkt toenemende snelheid gaat het mis.

Vuistregels beladen
Optimaal rijgedrag vraagt om zo gunstig mogelijk beladen. Plaats zware lading laag en zo dicht mogelijk bij de as. Dus boeken, tentstokken en levensmiddelen onderin, washandjes bovenin. Volg de opgegeven kogeldruk van de caravanfabrikant. Probeer gewicht voor- of achterin niet met gewicht helemaal voor- of achterin te compenseren. Breng daarentegen vanuit beide zijden meer naar het midden. Maak eventueel gebruik van het middenpad. Laat de (vaste) watertank nagenoeg leeg. Belaad de caravan tot maximaal 75% van het gewicht van de beladen auto (auto + 300 à 325 kg voor twee volwassenen, twee kinderen, bagage). Is de caravan nog instabiel, herschik de lading dan en experimenteer voorzichtig met 10 kilo meer kogeldruk. Schakel pas na een proefrit de stabilisatorkoppeling in, voor extra comfort en nog meer zekerheid.

Dubbeltest
Om de elektronische slingerbeveiligers zo goed mogelijk te vergelijken, helpt LMC/TEC ons aan twee caravans met identieke opbouw en indeling. Een TEC met een AL-KO-chassis en as voorzien van ATC; de LMC rijdt rond op een BPW-chassis en as met iDC. Zo gelijkwaardig uitgerust en beladen tot 1.500 kilo hangt het eventuele verschil tussen de systemen niet met opbouw of de lading samen. We vergelijken de systemen op de testbaan van de Rijksdienst voor het Wegverkeer in Lelystad. Bij het insteken van de caravanstekker in de auto, controleren beide systemen hun eigen werking door eenmaal te remmen. Een ledlampje op de dissel geeft in een signaalcode eventuele storingen aan. Om de vijf of zes mogelijke codes te begrijpen, is de gebruiksaanwijzing nodig. Houd die bij de hand. Beide systemen reageren op sterker wordende slingering van de caravan. Een sensor midden onder de vloer ‘beoordeelt’ continu de beweging in de caravan en activeert indien nodig de remmen van de caravan. Hierbij lichten de remlichten echter niet op.
Duitse afspraken schrijven voor dat de remkracht in dat geval beperkt moet blijven tot 10% van het maximum van de combinatie. Een sterke trekauto is daarom nog in staat die remkracht te overwinnen. Zowel AL-KO als BPW zijn van mening dat dát feit hun slingerbedwinger veiliger maakt dan de stevig remmende autosystemen. ‘Je kunt een inhaalmanoeuvre immers afmaken’ is hun mening. Wij daarentegen zijn van mening dat het onverstandig is de snelheid van de combinatie te verhogen als de kritische snelheid al is overschreden. Zelfs met alle ballast voor- en achterin, de kogeldruk net onder 10 kg en in elk bovenkastje zes kilo, constateren we dat de kritische snelheid blijft steken bij 95 (TEC) en 100 (LMC) kilometer per uur. Boven die snelheid vertonen beide caravans onveilig weggedrag, waarbij het slingeren achter de trekauto vanaf 105 km/u echt spectaculair wordt. In de praktijk zal menig caravan zich, bij dergelijk ongunstige belading, al vanaf 70 à 80 km/u in de gevarenzone bevinden. Naast het oordeel van ANWB-testrijder Wim Franssen maakt ook een computerregistratie van de beweging in caravan en auto deel uit van de test. 

In onderstaande grafieken zie je links dat AL-KO ATC een beduidend snellere remingreep heeft dan BPW iDC. Rechts staat een grafiek waarin getoond wordt dat BPW's iDC een kortere maar sterkere greep heeft. 

AL-KO ATC
We starten met de AL-KO TEC achter een Ssang Yong Kyron. Deze SUV met sterke diesel heeft bij 100 km/u weinig problemen met de onrustig bengelende caravan. Elke beweging wordt in het onderstel en de grote banden opgevangen, maar wel doorgegeven aan de carrosserie. Ondanks heftige bewegingen blijft de auto in het spoor. Door de slecht in balans zijnde caravan ontstaat een continu zo sterk deinende combinatie, dat niemand ermee zou doorrijden. Wij voor de test wèl. Van het AL-KO ATC merken we achter de bijna twee ton zware SUV niets. Temperatuurmetingen bewijzen later dat ATC wel degelijk actief wás. Aan de remtrommels meten we negen kilometer later 374 º Celsius. 
Wie z’n caravan voelt bewegen, moet maatregelen (beladingsregels) nemen. Doe je dat niet, dan blijft ATC de hele reis actief met uiteindelijk versleten of verbrande remvoeringen tot gevolg. De Mercedes C-Estate geeft betere signalen door. Met het eigen systeem van Mercedes uitgeschakeld is een lichte, nauwelijks herkenbare ingreep van het ATC voelbaar. Een signaaltje in de auto, met geluid of leds, vinden we een noodzakelijke aanvulling ter informatie aan bestuurders. Met ingeschakeld ATC blijft de combinatie onder extreme omstandigheden bestuurbaar. Zonder ATC is bij dezelfde extreme uitwijkproeven eigen remingreep noodzakelijk. De led-signaalcode bij ingebruikstelling is te ingewikkeld.

BPW iDC
Al ligt de kritische snelheid van het BPWchassis iets hoger, de gedragingen zijn gelijk. Ook wat sneller rijdend. Achter de Ssang Yong voelen we het iDC vanaf het allereerste moment echter wel ingrijpen. Er is meer remkracht beschikbaar. De caravan komt net als bij ATC niet volledig tot rust door de ingreep. iDC probeert het nog enkele malen en schakelt vervolgens uit. BPW heeft zijn elektronische slingerbedwinger zo geprogrammeerd, dat de remmen nooit oververhit kunnen raken. De remprocedure wordt op tijd stilgelegd. Ook is de remwerking bij een ingreep korter dan bij ATC. Het voorkomt schade aan de remvoering. Nadeel is echter dat het systeem zichzelf uitschakelt, terwijl de bestuurder er mogelijk nog op vertrouwt. Ook BPW levert geen akoestisch- of lichtsignaal in de auto. Weer is de werking van de caravanrem in de lichtere Mercedes beter voelbaar. Testrijder Wim Franssen vraagt zich af of dat voor iedere automobilist geldt. Het moment dat je wordt terechtgewezen, is sterker voelbaar, omdat de rem sneller aangrijpt. Met ingeschakeld iDC blijft de combinatie onder extreme omstandigheden bestuurbaar. Zonder iDC is bij dezelfde extreme uitwijkproeven een eigen remingreep noodzakelijk. De ledsignaalcode bij ingebruikstelling is ook hier te ingewikkeld.

Conclusie
Zowel ervaren als beginnende bestuurders moeten de beladingsregels voor caravans nog steeds nauwkeurig volgen, om een stabiel rijgedrag te krijgen en regelmatige ingreep van de antislinger- systemen te voorkomen. Wie naast optimaal rijgedrag en de stabilisatorkoppeling meer zekerheid zoekt, komt uit bij standaard trailercontrole in de auto of de systemen van AL-KO en BPW. De laatste afhankelijk van het merk caravanchassis. Zowel AL-KO ATC als BPW iDC vormen dat extra vangnet in geval van plotseling optredende slingering. Na een ingreep blijft aanpassen van de belading nodig. Waarschuwingen voor de bestuurder, in licht of geluid, zijn naar onze mening onmisbaar. Bron: ANWB

Terug naar boven

 

Heeft u vragen, wilt u meer informatie of advies? Neem contact met ons op of laat uw gegevens achter en wij bellen u zo spoedig mogelijk terug.

 Stopel op Facebook
► Stopel op Twitter

Stopel Bedrijfsverzekeringen B.V.     Kwaliteit is een keuze.

/sites/default/files/images/agness.jpg
/sites/default/files/images/albertje.jpg
/sites/default/files/images/arjan.jpg
/sites/default/files/images/ellen2.jpg
/sites/default/files/images/dian.jpg
/sites/default/files/images/esther.jpg
/sites/default/files/images/frank.jpg
/sites/default/files/images/gerdia.jpg
/sites/default/files/images/gertjan.jpg
/sites/default/files/images/jaque.jpg
/sites/default/files/images/ronald.jpg
/sites/default/files/images/ronny.jpg
/sites/default/files/images/sylvia.jpg
/sites/default/files/images/tony.jpg
/sites/default/files/images/jon2.jpg
/sites/default/files/images/henri.jpg
/sites/default/files/images/veronique.jpg